Prosecco-termen uitgelegd
Als je een flesje Prosecco gaat uitzoeken, kun je nogal wat termen op het etiket tegenkomen. We lichten ze graag voor je toe, zodat je gemakkelijker een keuze maakt. De termen frizzante en spumante vertellen je iets over hoe intens bubbelend de Prosecco is. Wanneer de druk in de wijn relatief laag blijft, en de wijn dus licht mousserend is, heet de Prosecco frizzante. Wanneer de druk hoger is en de bubbel dus intenser en aanhoudender, heet de Prosecco spumante. Hoe zoet of droog een Prosecco is ontdek je aan de hand van de (ietwat verwarrende) termen Brut (droog, 0-12 g/L restsuiker), Dry (licht zoet, 12-17 g/L restsuiker) en Extra Dry (zoet, 17-32 g/L restsuiker). Hierbij geldt dat droge Prosecco een alcoholpercentage van rond de 11 tot 12 procent heeft; naarmate de Prosecco zoeter wordt, zal het alcoholpercentage meestal wat lager uitvallen. Ook kun je nog de term millesimato tegenkomen op een Prosecco-etiket. Millesimato betekent oogstjaar en mag op het etiket staan wanneer tenminste 85% van de druiven afkomstig is uit één oogstjaar. (Prosecco is net als Champagne vaak ook een blend van meerdere oogstjaren.) Behalve het woord millesimato valt dan ook het desbetreffende oogstjaar op de fles te ontdekken.
Wanneer drink je Prosecco? Deze mousserende wijn is ideaal als aperitief, maar past ook perfect bij lichte gerechten. De frisse bubbels maken Prosecco een populaire keuze voor feestelijke momenten en warme zomerdagen. Hoe drink je Prosecco het beste? Serveer de wijn goed gekoeld, rond de 6 tot 8 graden Celsius, en gebruik een smal fluteglas om de fijne bubbels en aroma’s optimaal tot hun recht te laten komen.
Welke Prosecco is lekker? Dat hangt af van je voorkeur: voor een lichtere bubbel kies je een frizzante, voor een vollere en intensere ervaring een spumante. Prosecco Brut is de keuze voor wie een droge en elegante bubbel waardeert, terwijl Extra Dry wat zoeter en toegankelijker is. Met deze kennis kun je gemakkelijker de Prosecco kiezen die het beste bij jou past!